Wim Rijsbergen kijkt nog altijd met een kritisch oog naar het hedendaagse voetbal. De voormalig verdediger van Feyenoord en het Nederlands elftal let daarbij niet specifiek op individuele kwaliteit, maar vooral op inzicht en het vermogen om situaties vroeg te herkennen. In gesprek met FR12.nl vertelt Rijsbergen over verdedigen, de toenemende invloed van tactiek en de absolute wereldsterren met wie hij zelf op het veld stond.
"Ik kijk vooral naar wat me opvalt. Ik geniet vooral van spelers die kunnen lezen wat er gaat gebeuren, zo was Israël bijvoorbeeld ook", reageert Rijsbergen op de vraag of hij spelers volgt met zijn eigen speelstijl. "Er zijn spelers die reageren in verdedigend opzicht, maar ook spelers die anticiperen. Het is voor een verdediger heel belangrijk om één stap vooruit te denken, omdat ze tegenwoordig steeds meer tussen de linies proberen te passen. Dat zijn dingen die je vanzelf gaat aanvoelen als je langer speelt. Dat is ook vaak hoe ik naar verdedigers kijk."
Rijsbergen ziet daarbij grote verschillen met de manier waarop er tegenwoordig wordt verdedigd. Vooral bij standaardsituaties verbaast hij zich regelmatig over wat er in het strafschopgebied gebeurt. "Wat ik tegenwoordig zie, is dat ze in principe bij iedere corner of vrije trap een strafschop kunnen geven. Ik heb nog nooit meegemaakt dat wij vroeger zo aan de aanvallers hingen in het strafschopgebied."
"Het is gewoon van de gekken als ik al die gasten aan elkaar zie hangen", vervolgt de oud-verdediger met onbegrip. "Ze moeten daar eigenlijk veel strenger tegen optreden, want dan is het gewoon een keer klaar. Sommige verdedigen met twee armen om de middel van de aanvaller, maar hoe kop je dan de bal weg? Vroeger was dat echt niet zo."
'Wij speelden vroeger ook echt wel hard'
Dat betekent volgens de oud-Feyenoorder overigens niet dat het voetbal in zijn tijd vriendelijker was. "Wij speelden vroeger ook echt wel hard, maar het is nu waanzinnig hoeveel overtredingen er zijn waar spelers op elkaars voet of standbeen gaan staan. Het zijn echt gevaarlijke overtredingen die soms worden gemaakt. Wij speelden wel heel hard met slidings, want Cruyff was als de dood om in de buurt te komen, maar niet zo bewust waar je op elkaars voet gaat staan."
Rijsbergen weet als geen ander hoe hard het eraan toe kon gaan. Bij Feyenoord leerde hij het vak tussen enkele verdedigers die bekendstonden om hun meedogenloze manier van spelen. "Ik heb mijn leerschool wel gehad met een paar boeven op het veld als Laseroms, Israël en Romeijn. Die konden meedogenloos zijn, maar niet met de bedoeling om iemand het veld uit te schoppen. Verder is het voetbal verandert, maar nog steeds zouden Van Hanegem en andere jongens die vroeger goed waren, nu ook kunnen spelen."
Voor Rijsbergen zou de kwaliteit van de grootste spelers uit zijn generatie ook in het moderne voetbal overeind blijven. Vooral het vermogen om vooruit te denken maakte volgens hem het verschil. "Die jongens hadden het inzicht en konden al snel denken. Cruyff zei ook dat de bal altijd sneller is dan de man, dus als dat lukt, kom je zelf ook niet in de problemen. Het is alleen wel vaak zo dat we vroeger meer open wedstrijden hadden, want het is nu wel tactischer geworden met de data en opdrachten voor spelers. Daardoor haal je wel veel creativiteit weg. Juist de spelers die hun eigen ding konden doen, waren toen heel goed."
Minder ruimte voor creativiteit
Daar ligt voor Rijsbergen ook een belangrijk kritiekpunt op het huidige voetbal. Trainers beschikken over steeds meer informatie en spelers krijgen gedetailleerdere opdrachten, maar volgens de voormalig international gaat dat soms ten koste van het spektakel. "De charme wordt er wel vanaf gehaald met het tactische spel. Het resultaat is natuurlijk altijd wel belangrijk geweest, maar het moet ook nog een beetje aantrekkelijk zijn voor de mensen op de tribune. Dan heb je toch spelers nodig die creatief zijn en niet altijd op tijd terug verdedigen."
Rijsbergen kan wat dat betreft uit ervaring spreken als het gaat om uitzonderlijke individuele kwaliteit. Tijdens zijn loopbaan deelde hij de kleedkamer en het veld met enkele van de grootste namen uit de voetbalgeschiedenis. "Ik heb met de beste spelers gespeeld, niet alleen bij Feyenoord en Nederlands elftal, maar ook bij New York Cosmos. Pelé heb ik nog meegemaakt, Beckenbauer, Carlos Alberto, Neeskens en nog gigantisch goede Zuid-Amerikanen. Ik heb wel genoten van allerlei kwaliteiten om mij heen. Het is niet te vergelijken, maar als je wereldwijd kijkt, dan is Cruyff wel echt fantastisch geweest. Je ziet ook hoe toonaangevend hij is geweest."
Plaats reactie
Je bekijkt nu de reacties waarvoor je een notificatie hebt ontvangen, wil je alle reacties bij dit artikel zien, klik dan op onderstaande knop.
Bekijk alle reacties