Wanneer de wedstrijd de laatste vijftien minuten ingaat, ligt onrust op de loer bij Feyenoord. Onder Robin van Persie raakt de ploeg in die fase opvallend vaak de controle kwijt. De druk neemt toe, het spel wordt afwachtend en een duidelijk plan ontbreekt. Het gevolg is dat Feyenoord regelmatig punten laat liggen in wedstrijden die lange tijd onder controle leken.
De cijfers onderstrepen dat beeld. Van de 45 tegendoelpunten die Feyenoord dit seizoen in alle competities incasseerde, vielen er 21 in het laatste kwartier. Dat is 47 procent. In de Eredivisie ligt dat aandeel op 39 procent, aanzienlijk hoger dan het competitiegemiddelde van 22 procent. Deze data zijn berekend door databureau Opta op verzoek van NRC. De conclusie na analyse van de late tegentreffers is helder: bij Feyenoord is de chaos zelden ver weg zodra de 75ste minuut aanbreekt.
In die slotfase is bij Feyenoord vaak twijfel zichtbaar. Moet de ploeg terugzakken in een laag blok om ruimte weg te nemen, of juist proberen het initiatief te houden en de tegenstander onder druk te zetten? In de jaren onder Arne Slot was die keuze duidelijk: Feyenoord bleef aanvallen. Onder Van Persie lijkt die overtuiging te ontbreken, wat leidt tot aarzeling en onduidelijkheid binnen het elftal.
Die onzekerheid komt ook terug in de onderliggende cijfers. Vooral in blessuretijd presteert Feyenoord ondermaats. Tegenstanders komen dan tot meer schoten, creëren een hogere expected goals en scoren vaker. De intensieve speelwijze die Van Persie hanteert, wordt gezien als een van de oorzaken. Waar de slotfase eerder een wapen was, weten tegenstanders inmiddels dat er juist in die minuten kansen liggen.
Gebrek aan ingrijpen
Het NRC wijst daarnaast op het beperkte vermogen van Van Persie om tijdens wedstrijden tactisch bij te sturen. Als voorbeelden worden duels met NEC, Heerenveen en FCSB aangehaald. In Roemenië gaf Feyenoord in de slotfase een 3-1 voorsprong uit handen. ''De chaos is compleet als Hadj Moussa in de slotminuut een wilde, hoge terugspeelbal geeft die de winnende goal voor de thuisploeg inleidt. Dat raakt een ander structureel probleem van Feyenoord: tegendoelpunten die vallen door een rommelige opbouw. Zes van de 21 late tegengoals komen op die wijze tot stand.''
Ook in het duel met sc Heerenveen was dat patroon zichtbaar. In de slotfase leverden de lange ballen van doelman Timon Wellenreuther weinig op en slaagden de aanvallers er niet in het balbezit vast te houden. Desondanks bleef Feyenoord vasthouden aan die aanpak. Trainer Robin van Persie was daar na afloop kritisch over. ''We hielden geen bal vast.'' Waarom de gekozen strategie tijdens de wedstrijd niet werd aangepast, bleef onduidelijk. Voor Feyenoord ligt daar een duidelijk aandachtspunt dat snel moet verbeteren om de tweede plaats vast te houden.
Plaats reactie
Je bekijkt nu de reacties waarvoor je een notificatie hebt ontvangen, wil je alle reacties bij dit artikel zien, klik dan op onderstaande knop.
Bekijk alle reacties